Verkennende ronde mondt uit in voorkeur voor voortgezette samenwerking van SGP, CU en VVD
Na de verkiezingen van 18 maart jl. heeft de SGP, in samenspraak met alle andere fracties, het voortouw genomen in een verkennende ronde. In deze verkenning hebben Peter Hoek en Kees Knulst alle fracties dezelfde vragen voorgelegd. Zo is gevraagd of partijen bestuursverantwoordelijkheid willen dragen, welke coalitiesamenstelling hun voorkeur heeft, hoe het college eruit zou moeten komen te zien en welke inhoudelijke punten breek- en bespreekpunten partijen hebben.
Uit deze verkenning volgt dat de meeste partijen een coalitie van drie partijen wenselijk vinden. Een samenwerking tussen meer dan drie partijen heeft, vanwege het getalsmatige overwicht, mogelijk negatieve uitwerking op de verhoudingen in de raad. Daarnaast is een coalitie van die omvang niet nodig voor een stabiel college met stevig draagvlak in de gemeenteraad. De verkennende ronde wijst uit dat een combinatie van SGP, CU en VVD op breed draagvlak kan rekenen. SGP won bij de verkiezingen één zetel, CU bleef op drie zetels en de VVD verloor één zetel. Samen komen de partijen uit op een ruime meerderheid van 13 zetels.
Peter Hoek: “De afgelopen periodes hebben deze drie partijen constructief met elkaar samengewerkt. Op waarden en bestuursstijl is over en weer veel herkenning. Dat biedt een goede basis voor samenwerking in een nieuwe bestuursperiode. We zien de uitkomst van de verkenning dan ook als passend bij de wens van de kiezer, die ons op 18 maart heeft gevraagd om goed en stabiel bestuur, in het belang van Tholen.”
Tijdens de verkennende ronde is ook gesproken over het aantal wethouders waar een nieuw college uit zou moeten bestaan. Vrijwel alle partijen vinden een formatie van 3 tot 4 fte gerechtvaardigd, gezien het groeiend aantal bestuurlijke opgaven waarvoor het college zich geplaatst weet. Denk aan onder meer jeugdzorg, energietransitie, woningbouw en de noodzakelijke investeringen in de leefbaarheid binnen de kernen.
Wie de vierde wethouder wordt, zal blijken in de volgende ronde: de drie formerende partijen gaan dan met elkaar aan de slag met een coalitieakkoord, waarbij ook de portefeuilleverdeling op tafel komt.
Ondertussen werken alle fracties gezamenlijk aan een raadsprogramma, waarin de inhoudelijke speerpunten van partijen zoveel als mogelijk is worden verwerkt. Dat proces staat los van het proces van coalitievorming. Hoek: “Het is van belang dat er breed herkenning is in het programma waarmee het college de komende vier jaar aan de slag mag gaan. In de raad, maar zeker ook in de samenleving.” Kijk voor meer informatie op onze verkiezingspagina.