Ga naar de content van deze pagina.

Vanaf donderdag 28 juni geldt een verhoogd risico (fase 2) op natuurbranden in Zeeland. Door de langdurige droogte zijn de natuur- en duingebieden kurkdroog. Houd rekening met de volgende maatregelen en adviezen: 

  • In natuurgebieden mag je geen open vuur stoken. Ook vuurkorven, fakkels, wensballonnen en vuurwerk zijn niet toegestaan, net als in de natuur koken met open vuur op vaste brandstoffen, zoals hout of houtskool/briketten.
  • Ga ervan uit dat de eventueel verleende ontheffing voor stookverboden niet meer geldig is; zie de voorwaarden van de ontheffing of neem hierover contact op met de verlenende instantie (gemeente of provincie).
  • Wees alert op verdachte situaties en meldt die bij de terreineigenaar of een hulpdienst. Help mee door foto's/film te maken en onthoud de locatie, persoonskenmerken en bijvoorbeeld een kenteken als je een situatie niet vertrouwt.
  • Houd op je verblijfplaats altijd blusmiddelen bij de hand, bijvoorbeeld een blusdeken, tuinslang, brandblusser of desnoods een emmer water.
  • Denk eraan, dat je niet overal in de natuur goed bereik hebt met je mobiele telefoon.
  • Veroorzaak niet per ongeluk een natuurbrand: gooi daarom sigaretten en glas altijd in een prullenbak of neem het mee. Denk ook aan kolen van de barbecue of opgehoopt tuinafval (broei), en parkeer je auto (met hete katalysator) niet in hoog en droog gras.
  • Neem eventueel een topografische kaart / GPS / wandel App mee als je op stap gaat in de natuur. 

Snelle uitbreiding van een natuurbrand is het grootste risico. De natuurbeheerders voeren daarom extra controles uit in natuurgebieden. Daarnaast vragen wij ook inwoners en recreanten extra alert te zijn op het ontstaan van brand. Mocht je een natuurbrand ontdekken, meld het dan zo snel mogelijk via het alarmnummer 1-1-2. Hoe sneller de melding, hoe eerder de brandweer er kan zijn!


Nieuw: twee fases

Voorheen werd landelijk het natuurbrandrisico aangeduid met vijf kleuren: lichtgroen, groen, geel, oranje en rood (www.natuurbrandrisico.nl). In plaats van de vijf kleuren is er sinds dit voorjaar nog slechts onderscheid tussen twee ‘fasen’. Een fase waarin sprake is van regulier risico en een fase waarin we vragen extra alert te zijn, omdat er een verhoogd risico is op natuurbranden. 

De fasering is aangepast door Brandweer Nederland, in overleg met natuurbeheerders, -eigenaren en ondernemers. Reden is dat de boodschappen voor het publiek bij de fases lichtgroen, groen en geel vrijwel hetzelfde waren. Dit was ook zo bij oranje en rood. Daarnaast was er regelmatig verwarring met de kleurcodes 'code oranje' en 'code rood' van het KNMI.  


Waar gaat het om bij (de fasen van) natuurbrandrisico?

De boodschap is eigenlijk eenvoudig:
Fase 1 (regulier risico) is zoals altijd: wees voorzichtig met vuur in de natuur.
Fase 2 (extra alert): de hulpdiensten en natuurbeheerders voeren extra controles uit. In deze fase vragen we ook actief aan inwoners en recreanten extra alert te zijn op het ontstaan van brand. En de brand zo snel mogelijk te melden via het alarmnummer 1-1-2. 


Wat te doen bij een natuurbrand?

Lees alle informatie hierover op de natuurbrandpagina van Veiligheidsregio Zeeland. Ook hebben zij infographics gemaakt waarin staat wat mensen moeten doen als ze een natuurbrand signaleren in het Nederlands, Engels, Duits en Frans.